29-12-05

Beauty and the Beast

Beauty and the Beast (1991)

Were you in love with her, Beast? Did you honestly think she'd want you when she had someone like me?

Objectief: *****
Subjectief: *****

Een verwende prins weigert een lelijke, oude vrouw onderdak, waarop ze (ze blijkt een mooie, jonge toverfee te zijn) hem als straf in een afzichtelijk Beest verandert.
De betovering kan alleen ongedaan gemaakt worden als het Beest van iemand leert houden en er bovendien voor kan zorgen dat die persoon ook van hem kan houden (ondanks zijn uiterlijk), en dat allemaal voor zijn 21ste verjaardag.
Wanneer, zoveel jaar later, een oude man tijdens een storm in het kasteel komt schuilen, wordt hij zonder pardon een kerker ingegooid. Maar dan komt zijn knappe dochter Belle hem zoeken. Zou zij de vloek kunnen breken?

Zoals in de film zelf wordt gezegd is Beauty and the Beast echt een “tale as old as time”. Zo een 400 jaar geleden heeft een Franse dame het verhaal voor de eerste keer neergeschreven en sindsdien is het uitgegroeid tot één v an de meest geliefde en meest bewerkte sprookjes.
Uiteindelijk zijn verhalen als The Phantom of the Opera of zelfs King Kong (misschien een beetje vergezocht, maar toch…) en Notre Dame de Paris (The Hunckback of Notre Dame voor de Amerikanen) variaties op het welgekende thema van de Schone en het Beest, waarbij innerlijke schoonheid het uiteindelijk haalt van het uiterlijk.
Maar we gaan hier niet beginnen aan een vergelijkende studie tussen al die verschillende versies (als er iemand echter een thesis over wil schrijven, laat het me zeker weten, ik zou hem wel eens willen lezen) en ons vooral richten op die bewerking van het verhaal die bij het grote publiek het meest gekend is: Disney’s adaptatie die alweer dateert uit 1991 (jaja, de tijd gaat snel!).

Toen ik de film zoveel jaar geleden in de cinema zag (voor mijn verjaardag – ik wou altijd naar de nieuwste Disney film voor mijn verjaardag), vond ik er niets aan. Ik weet niet goed wat mijn 10-jarige zelf zo stoorde: in ieder geval was ik niet onder de indruk van het Beest (ik heb er zeker geen trauma’s aan overgehouden) en de liedjes bleven niet zo lang hangen als die van De Kleine Zeemeermin. Misschien zat juist daarin het probleem: de film was niet De Kleine Zeemeermin, een film waar ik toen (en eigenlijk nog altijd) een enorme fascinatie voor had (heb). In mijn kortzichtig wereldbeeld van toen (?) kon gewoon geen enkele film beter zijn.
Dat Belle en het Beest (want onder die titel kende ik de film toen) als enige animatie film ooit een Oscarnominatie kreeg voor Beste Film ging toen compleet aan me voorbij (ik was meer geïnteresseerd in de nieuwste Barbiepop).
In ieder geval, al die nostalgische mijmeringen om aan te geven dat ik die 5 sterretjes niet altijd zou gegeven hebben. Maar nu dus wel…

Dus wat bracht precies die kentering? Waarom beschouw ik nu Beauty and the Beast als één van de beste, of zelfs de beste (maar hierdoor komt mijn loyaliteit aan The Little Mermaid in het gedrang) Disney ooit?
Waarschijnlijk al die redenen die de film ook zijn Oscar nominatie opleverden.

Mispak je er immers niet aan, Beauty and the Beast is GEEN animatiefilm, of toch niet één zoals een animatiefilm meestal wordt gezien.
De film had evengoed met “echte” acteurs kunnen gefilmd zijn. Zo zijn Belle’s reacties in sommige scènes bijna ‘creepy’ menselijk. Ze toont enorm veel emoties, gaande van blijdschap wanneer de uitvinding van haar vader werkt, tot twijfel en zelfs hoop wanneer daar ineens een prins voor haar staat op het einde.
Ook de ‘camerabewegingen’ halen de film uit de beperkte tekenfilmsfeer.. Denk bijvoorbeeld aan de scène waar Belle huilt op haar bed en de camera grandioos ‘uitzoomt’, naar buiten toe uit het raam. Zulke beelden krijg je niet in ‘gewone tekenfilms’ (of toch zeker niet voor het computertijdperk).
Verder is ook het gebruik van close-ups heel frappant. Een mooi voorbeeld hiervan is de scène waarin het Beest Belle naar haar vertrekken leidt. In close-up zien we stille tranen over haar wangen rollen. Er volgt een close-up van het Beest die dat allemaal nogal ongemakkelijk opmerkt. Op aandringen van Lumière (de sprekende kandelaar, voor alle duidelijkheid) probeert hij een gesprek aan te knopen, wat ook aardig blijkt te lukken (veel close-ups – dat verkort de ‘afstand’ tussen de personages) tot de ‘West Wing’ aan bod komt. Wanneer Belle (een curieuseneus eerste klas) vraagt waarom ze er niet mag komen, gromt het Beest hard “It’s forbidden!”, wat meteen een einde maakt aan het gesprek. De afstand is terug, nog versterkt door de camera die ineens van veel verder de actie volgt en zelfs nog verder uitzoomt.

De personages zijn heel mooi uitgetekend (letterlijk en figuurlijk). Het zijn geen kartonnen bordjes maar echte karakters die veranderen (zelfs Gaston verandert van narcistische egoïst naar sadistisch monster). Maar dat is natuurlijk ook de plot (en de moraal!) van het verhaal. De knappe, verwende prins moet leren dat echte schoonheid binnenin zit. Na zijn jarenlange isolatie en wenteling in zelfmedelijden gedraagt hij zich als een echt ‘beest’ (grommen en brullen, het lopen op vier poten, egoïstisch, …) maar langzaam maar zeker wordt hij weer ‘mens’(elijk) (hij loopt geleidelijk aan weer op 2 poten, leert netjes eten en vooral: hij leert om anderen geven). De verandering zie je ook in zijn ogen (nog zo iets dat je niet vaak in tekenfilms ziet – hier zit de ziel van het personage echt in de ogen). Het is niet voor niets dat Belle gefascineerd is door de blauwe kijkers van de knappe jongeman op het gescheurde schilderij dat in de West Wing hangt. Bovendien herkent ze het Beest (nu de prins) op het einde aan zijn blik (met de meest passionele Disney-kus als gevolg).

Dan zijn er natuurlijk nog de liedjes. Howard Ashman, die ook al samen met Alan Menken de liedjes voor The Little Mermaid heeft geschreven, overleed 8 maanden voor de première. Hij stond er voor gekend om als geen ander de liedjes echt in het verhaal te weven – vallen ze weg, dan mis je een deel van het verhaal. Ik ben het daar deels mee eens. Zo krijgt Belle veel meer ‘diepgang’ dankzij het wondermooie Belle Reprise waarin ze haar dromen en hopen uitdrukt, maar liedjes als Be Our Guest of Gaston en zelfs Beauty and the Beast, hoe grappig of mooi ze ook zijn, blijven toch vooral puur ‘entertainment’.
Vooral de laatste jaren klonk heel wat kritiek op de “zingende theekopjes” en Disney besloot dan ook het aantal liedjes in zijn films drastisch te verminderen. Uiteindelijk lijkt het dat ze samen met de 2-D-animatie de vergeetput ingegooid zijn.
Oh, al die 3-D films hebben zeker hun charme (en sommige zijn ongelofelijk goed), maar op de één of andere manier missen ze die bepaalde magie die je wel had met ‘plain old pencil and paper’. Evolutie kun je niet tegengaan (en moet je ook niet tegengaan), maar ik vind het nog altijd erg jammer dat 2-D (voor Disney) voorgoed verleden tijd lijkt.
Hopelijk zijn pareltjes als Beauty and the Beast niet mee begraven.

Weetjes:
- Is het je al opgevallen dat Belle de enige persoon in het dorp is die blauw draagt? Dat is niet toevallig. Zo wouden de ‘art directors’ duidelijk tonen hoe ‘anders’ ze is van de rest van het dorp. Later in de film draagt ook het Beest blauw (en dit voor dezelfde reden – hij is ook eerder een ‘buitenbeentje’).
- Wanneer componisten een lied schrijven, gebruiken ze daar in het begin vaak onnozele teksten voor die dan later door de ‘echte’ teksten worden vervangen. Menken en Ashman vonden de ‘onnozele’ tekst voor het lied Gaston echter zo goed, dat die behouden is.
- We horen in de film nooit de echte naam van het Beest – wat bij ons thuis al heel wat interessante naamsuggesties opleverde, gaande van Charles en Henri tot Zebedeüs. Het raadsel is echter opgelost! Volgens de officiële Disney Encyclopedie van Dave Smith luistert de prins naar de naam … Adam! Daar waren we eerlijk gezegd zelf nooit opgekomen…
- Wanneer Gaston op het einde over de reling valt, kijk dan eens goed naar zijn ogen. Blijkbaar zouden er, heel kort, doodshoofdjes in te zien moeten zijn.
- Het Beest is een echte kunstliefhebber. Aan de muren van zijn kasteel prijken detailscènes uit werken van Vermeer, Rembrandt en Goya.
- De film heeft dan wel niet de Oscar voor Beste Film gewonnen, hij heeft wel de Golden Globe voor Beste Film (Musical of Komedie) binnengehaald.

Links:
- BBC
- Reelviews
- Roger Ebert

---

Beauty and the Beast (1991)

Van Gary Trousdale en Kirk Wise

Met Paige O’Hara (Belle), Robby Benson (the Beast), Angela Lansburry (Mrs Potts), Jerry Orbach (Lumière), Richard White (Gaston), David Ogden-Stiers (Narrator/Cogsworth), Bradley Pierce (Chip), …Script door Linda Woolverton (en een hele hoop anderen)

Muziek door Alan Menken
Liedjes door Alan Menken en Howard Ashman

11:28 Gepost door Lachesis Benton | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

20-12-05

King Kong

King Kong (2005)

And lo, the beast looked upon the face of beauty. And it stayed its hand from killing. And from that day, it was as one dead.

Objectief: ****
Subjectief: *****

Wanneer de overambitieuze regisseur Carl Denham in het bezit raakt van een kaart naar het mysterieuze Skull Island, besluit hij het eiland tot decor voor zijn volgende film te bombarderen en zijn hele filmcrew (al dan niet vrijwillig) stante pede in te schepen.
Het eiland blijkt echter minder verlaten dan gehoopt, en wanneer een stam angstaanjagende inboorlingen de mooie actrice Ann Darrow wil offeren aan de gevreesde ‘Kong’ mondt het hele avontuur uit op een levensgevaarlijke reddingsmissie…

Wie zat te wachten op een remake van King Kong, de obscure filmklassieker van 1933, zeker na het debacle van 1976?
Wij in ieder geval niet.
Het was dan ook niet meteen met het grootste enthousiasme – om het erg eufemistisch uit te drukken – dat we het nieuws over Peter Jackson’s nieuwe project onthaalden.
Maar dan kwam die eerste trailer en langzaam maar zeker werd onze interesse gewekt. Hmmm, het zag er allemaal best wel interessant uit. En uiteindelijk is het toch PJ, de man die ook het “onfilmbare” Lord of the Rings in erg goede banen heeft kunnen leiden.
Toen dan ook nog eens de eerste kritieken erg positief klonken, besloten we de gok maar te wagen en 3 uur van onze kostbare tijd aan een grote aap op te offeren (gelukkig op een net iets minder theatrale manier dan Ann’s opoffering).
En we hebben het ons geen moment beklaagd!

De film kan afschrikken om verschillende redenen: (1) wat is er godsnaam interessant of angstaanjagend aan de Aragog-versie van een gorilla (hmmm, misschien toch best een ander voorbeeld kiezen …), aan de Hagrid-versie van een gorilla, (2) wat met die “romance” tussen knappe Ann Darrow en harige-en-net-iets-minder-knappe Kong? (Is gans dat gedoe niet een beetje – euh – pervers?) en (3) drie uur ! Hoe hou je dat ooit vol?!

Oké, nu is het aan ons om die allemaal te ontkrachten…

Wij hebben ook nooit echt begrepen wat er zo griezelig is aan een flink uit de klauwen gewassen aap, vooral niet als die dan nog wordt vertolkt door een flink uit de klauwen gewassen pop of – sidder en beef – een man in een apenpak (letterlijk dan).
PJ heeft echter voorgoed komaf gemaakt met het ietwat softe imago van Koning Kong en dit dankzij de wondere trukendoos van de CGI (Computer Graphics). Weta, dat ook al zorgde voor de fantastische special effects in The Lord of the Rings, heeft weer alle registers opengetrokken. Kong leeft. Het is een dier van vlees en bloed geworden. Maar hier hebben we eigenlijk ook Andy ‘Gollum’ Serkis voor te danken. De goede man is weer bereid gevonden zich in zo’n onnozel motion-capture-pakje te hullen en daar mogen we hem zo ongeveer eeuwig dankbaar voor zijn (PJ heeft hem beloond met de rol van ‘Lumpy the Cook’).
De film valt of staat volledig bij het titelpersonage. Als dat niet overtuigt, als je niet gelooft in de emoties en drijfveren van die gorilla, dan wordt het hele verhaal gereduceerd tot een mooi uitziend (dat New York van de ’30! die dino’s!) maar leeg spektakel. En dan duurt drie uur vreselijk lang.
Gelukkig is dat dus niet gebeurd en overtuigt Kong. Zoals de echte ster van een film betaamt, “speelt” hij zelfs al de andere acteurs naar huis, wat zeker niet wil zeggen dat die niet goed zijn.
Naomi Watts zet een zeer overtuigende Ann Darrow neer. Ze is meer dan een doodsbange “scream queen”; ze is een “survivor” en dat niet alleen op Skull Island. Ook wanneer ze in het begin van de film zonder werk valt in een New York geteisterd door de economische depressie, weet ze haar plan te trekken.
Jack Black is goed gecast als de opportunistische Carl Denham. Oh, je hebt een vreselijke hekel aan het personage, maar op de een of andere manier begrijp je ook zijn waanzin. Je ziet ze fonkelen.
Ook Adrien Brody’s Jack Driscoll is best overtuigend als de ietwat verlegen schrijver die dan uiteindelijk via zijn eigen toneelstuk, dat hij nota bene voor Ann had geschreven, beseft wat voor een oen hij is.
Het is mooi te zien hoe Kong hem onmiddellijk als zijn grote vijand herkent en beschouwt. Beiden dingen naar Ann’s gevoelens – en dit brengt ons op afhaakreden (2) – maar gelukkig niet op hetzelfde soort gevoelens. Wat Ann voor Kong voelt, is een heel soort andere liefde dan dat ze voor Jack voelt (gelukkig maar!).
Het is de zeer mooi in beeld gebrachte relatie tussen vrouw en gorilla, die stille momenten van wederzijdse (h)erkenning, die deze film voor ons persoonlijk zo de moeite maken. Niet de brullende dino’s of de knappe speciale effecten maar deze wondermooie verstandhouding tussen Ann en Kong is het hart van het verhaal. Het zijn de scènes op het ijs, op de top van de rots en bovenop de Empire State Building (voor de vliegtuigjes komen) die je het langst bijblijven, die zo ontroeren (ook dankzij James Newton Howard’s heel mooie muziek) dat je niet moet verschieten als je ineens traantjes voelt bengelen.

Over reden (3) kunnen we vrij kort zijn: de film duurt lang, niets aan te doen (PJ lijkt het nu eenmaal erg moeilijk te vinden om te knippen). Of het ook effectief zo aanvoelt, is iets anders. Soms wel, soms niet.
De lange tijdsduur staat toe de personages en hun onderlinge relaties mooi en rustig te tekenen, en zo krijgt het verhaal ongetwijfeld meer diepgang.
Soms krijg je echter het gevoel dat sommige scènes echt wel korter konden (en dat is dan ook ongeveer het enige puntje van kritiek dat we op de film hebben, vandaar de 4 * voor de objectieve evaluatie). Zo zien al die dino’s er echt zeer knap uit, al hun stormlopen en gevechten zijn zeer mooi in beeld gebracht (het raadsel van hun uitsterven wordt nu trouwens ook verklaard: er is gewoon eentje uitgegleden en de rest is er over gestruikeld), maar het is misschien allemaal net iets te veel van het goede. Het ene verbazingwekkend effect na het andere hoopt zich op, waardoor alles ironisch genoeg aan waarde verliest. Zo is het gevecht van Kong met de 3 T-Rexen ongelofelijk knap gefilmd, maar het is het gewoon te veel. We beseffen dat het hier gaat om een luxeprobleem; het is alsof op Oudejaarsavond zowel kreeft als kaviaar krijgt, en dan nog met truffels (echte, geen van chocolade) erboven op. Maar zoals je de volgende dag dan wel zal merken: overdaad schaadt…
Laat dit je er zeker niet van weerhouden de film niet te gaan zien. Al de actie stuwt het verhaal verder, en voor je het beseft, kom je een drietal uur later de zaal uit, helemaal onder de indruk van een, ondanks alle CGI, diepontroerend avontuur.

Weetjes:
- 132 – dat is het aantal sensoortjes dat Andy Serkis op zijn gezicht alleen al geplakt kreeg om zo des te beter zijn gezichtsuitdrukkingen te kunnen vatten.
- Andy Serkis heeft trouwens ook zijn huiswerk goed gemaakt. Naast het bestuderen van gorilla’s in Rwanda, heeft hij ook een hechte vriendschap gesloten met de vrouwelijke gorilla Zaïre (klinkt allemaal nogal Belgisch) van de London Zoo.
- Voor veiligheidsredenen werden de filmrolletjes verspreid onder de titel Tiny Dancer. Het achtste rolletje werd zelfs apart verzonden.
- Pijnlijk… componist Howard Shore (die later vervangen werd door James Newton Howard) is kort te zien als componist (in de theaterzaal naar het einde toe).

Links:
- Reelviews
- BBC
- Variety
- Hollywood Reporter
- Entertainment Weekly
- Roger Ebert

---

King Kong (2005)

Van Peter Jackson

Met Andy Serkis (Kong, Lumpy the Cook), Naomi Watts (Ann Darrow), Adrien Brody (Jack Driscoll), Jack Black (Carl Denham), Colin Hanks (Preston), Thomas Kretschmann (Captain Englehorn), Jamie Bell (Jimmy), Evan Parke (Hayes), …

Script door Peter Jackson, Fran Walsch, Philippa Boyens

Muziek door James Newton Howard

13:14 Gepost door Lachesis Benton | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

15-12-05

The Da Vinci Code - Trailer online... En de marketing heeft goed haar huiswerk gemaakt

Want wat op het eerste gezicht een vrij gewone trailer lijkt, is dat bij diepere inspectie toch niet...
Zo lichten op het einde bizar genoeg enkele letters op die je leiden naar een "geheime site" waar de Robert Langdon of Sophie Neveu - aspiranten zich ten volle kunnen overleveren aan nog meer "code-gekraak"...
Aangenaam tijdverdrijf voor zij die toevallig niets om handen hebben rond deze tijd van het jaar...

Voor hen die het iets drukker hebben (examens, iemand?) of die gewoon te lui zijn zelf alles uit te pluizen (uiteindelijk moet je geen twee keer het warm water uitvinden) vind je hier een link:

Spoiler!

11:14 Gepost door Lachesis Benton | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |